De Hoge Veluwe hotspot voor slangenarenden

De laatste updates vanuit het Park

Ze eten nagenoeg alleen slangen en zijn een keer zo groot als de buizerd: de slangenarend. Het is een roofvogelsoort die oorspronkelijk uit het Middellandse Zeegebied komt, maar al enkele jaren een vaste zomergast is op Het Nationale Park De Hoge Veluwe.

wo 03 jun 2026

Daar wordt de soort nauwlettend in de gaten gehouden door vele vrijwilligers en door beleidsmedewerker, en fervent vogelaar, Tijmen Majoor.

“De eerste slangenarend is op 10 mei gezien”, zegt hij. “Het was een derde-kalenderjaarvogel. In andere woorden: hij was drie jaar oud.”

Twee locaties op het Park populair

Dat is iets later dan vorig jaar, toen de eerste vogels in april al werden gezien. “Gewoonlijk zijn het de volwassen vogels en oudere jonge vogels, zoals deze derde-kalenderjaarvogel, die als eerst gezien worden. Bij roofvogels hebben mannetjes haast om een nestgebied af te bakenen. De vrouwtjes komen later en de echt jonge vogels zien we pas in juni of juli.”

Het Deelense Veld

Slangenarenden rukken steeds meer op naar het noorden. Op De Hoge Veluwe zijn twee locaties populair: Het Deelense Veld en het Reemsterveld. Dat heeft met twee factoren te maken. “Allereerst het slangenaanbod. De ringslang leeft op het Deelense Veld en de adder en gladde slang zijn op beide locaties te vinden. Als het voedselaanbod goed is, dan zal de vogel langer blijven.”

Naast slangen eet de arend overigens ook hagedissen. Vooral de hazelworm, een slangachtige hagedis, wordt gegeten.

De andere reden dat de slangenarenden vooral naar het Park komen, heeft te maken met de ruimte. “Het open landschap trekt de vogels ook aan. Ze vliegen vooral bij warm weer en een zuchtje wind.” 

Vogels herkennen aan 'pianopatroon'

In 2025 werden in totaal elf individuele vogels waargenomen. Dat was een recordaantal. Sommige vogels werden meerdere keren gezien verspreid over de lente en zomer. Een andere vloog enkel over. Volgens Majoor was het ‘een hele klus’ om de vogels uit elkaar te houden.

“Onvolwassen vogels zijn over het algemeen lichter dan de volwassen vogels. De rui is bij hen ook synchroon in beide vleugels. Je ziet dan het verschil in kalenderjaar als een vogel in de lente weinig tot geen jonge slagpennen meer heeft.” De slagpen is de grootste van de vier soorten veren die een vogel heeft.

Een slangenarend met prooi

“Volwassen vogels zijn donkerder van kleur en de rui-tekening op de vleugels zijn chaotisch verdeeld. De tekening op de ondervleugels lijkt wel wat op een pianopatroon. Of het om een mannetje of vrouwtje gaat, is in de lucht moeilijk te zeggen.”

Als de levensfase is vastgesteld, wordt gekeken naar andere kenmerken om de precieze vogel vast te stellen. Ook daar komt dat pianopatroon terug. “Die kan per vogel verschillen, net als de kleur van de kop.”

Zo wist Majoor dat er in 2025 vier volwassen vogels op het Park zijn geweest, vier tweede-kalenderjaarvogels, twee derde-kalenderjaarvogels en een vogel waarbij de leeftijd niet met zekerheid kon worden vastgesteld, maar die zeker ouder was dan een tweede-kalenderjaarvogel.

Nog geen broedpaar

Maar wat nog niet gezien is op De Hoge Veluwe, is een broedpaar. “Dat is wel de wens”, zegt Majoor. “Slangenarenden leggen maar één ei, want ze weten dat hun voedselaanbod schaars is. Om dat jong groot te brengen, zijn 850 tot 1250 slangen nodig. En minstens 300 meter rondom het nest moet het rustig zijn.”

Het is dus nog even afwachten of er dit jaar een broedpaartje zal komen op het Park. Maar er is nog voldoende tijd, het seizoen is immers nog maar net begonnen.

Interessant voor jou